Nieuws
Prinsenstichting: verzuimaanpak 2010 beste uit de branche
De Prinsenstichting is een zorginstelling voor mensen met een (verstandelijke) beperking in de regio Zaanstreek-Waterland. Binnen de Prinsenstichting zijn ca. 1100 medewerkers werkzaam.
De organisatie maakt onderdeel uit van Stichting De Opbouw.
In 2010 is bij de Prinsenstichting het verzuim spectaculair gedaald. De organisatie heeft door deze goede performance op het gebied van verzuim onlangs een Vernet Health Ranking van 9,8 behaald en kan zich met de besten uit de branche meten!
Het verzuim in 2009
In 2009 lag het verzuim van de Prinsenstichting op een hoog niveau: bij de start van het traject in september 2009 lag het verzuim op 7,6 % (voortschrijdend) (ter vergelijking Nederland 4,3 %, Branche Gehandicaptenzorg 6,2 % ). De meldingsfrequentie van de Prinsenstichting totaal lag op 1,2 (ter vergelijking Nederland 1,0, Branche Gehandicaptenzorg 1,8).
Binnen de verschillende organisatieonderdelen waren behoorlijk grote verschillen zichtbaar. Dit gold voor zowel het verzuimpercentage als de verzuimfrequentie. Op basis van bovenstaande cijfers werd duidelijk dat het verzuim grotendeels veroorzaakt werd door het langdurig verzuim: medewerkers van de Prinsenstichting verzuimden gemiddeld langer dan gebruikelijk binnen de branche en Nederland. Daarnaast verzuimde men ook vaker dan het landelijk gemiddelde.
Integraal Verzuimmanagement traject
In samenwerking met Falke & Verbaan is een traject ingezet om een structurele reductie van het verzuim te realiseren. Naast de verzuimreductie had de Prinsenstichting de doelstelling om zo snel mogelijk zelfstandig het verzuim op het gewenste niveau te kunnen managen.
De trajecten van Falke & Verbaan zijn erop gericht om bij leidinggevenden en management activiteiten en vaardigheden te ontwikkelen om het verzuim(keuze)gedrag bij medewerkers te beïnvloeden. De ervaring is dat het daarbij vooral gaat om een cultuurverandering.
De manier waarop medewerkers zich binnen een organisatie gedragen, heeft invloed op de inzetbaarheid en productiviteit van het totaal. Daarmee beïnvloedt gedrag van mensen direct het resultaat van een organisatie. Optimale inzetbaarheid en productiviteit hangt af van onder andere de aansturing vanuit het hoger management, goede afspraken met de bedrijfsarts/arbodienst, actuele verzuimcijfers, een passend verzuimprotocol en toerusting van de leidinggevenden en P&O.
Quick Scan
Om inzicht krijgen in de huidige situatie binnen de Prinsenstichting is eerst een Quick Scan uitgevoerd: het bestuderen van de verzuimgegevens en een aantal interviews. Gekeken is naar de visie op verzuim, de verzuimcultuur, de verzuimcijfers, de procedures, de taken en verantwoordelijkheden, de rol van de leidinggevenden en teamcoördinatoren en de samenwerking met de bedrijfsarts.
Consensusvorming
De bevindingen uit de Quick Scan bespraken we vervolgens in een bijeenkomst met de sleutelfiguren op het gebied van verzuim: de directeur, de overige MT leden, P&O, een vertegenwoordiger vanuit de OR, de bedrijfsarts en aanvullend (een vertegenwoordiging van) de projectgroep. In deze zogenaamde consensusbijeenkomst staat centraal: het ontwikkelen van een gemeenschappelijke visie op de oorzaken van het verzuim, de gewenste aanpak van het verzuim en de vormgeving van de arbodienstverlening. Tijdens deze bijeenkomst zijn afspraken en van daaruit activiteiten ondernomen met betrekking tot knelpunten en randvoorwaarden die een daling van het verzuim in de weg stonden. Een van deze randvoorwaarden was deskundigheidsbevordering van het leidinggevend kader.
Training (direct) leidinggevenden en teamcoördinatoren
De volgende stap van het traject was het trainen van het totale leidinggevende kader.. Thema’s waren: stijl van leidinggeven; het bewaken van de balans werk en persoon; het creëren van een aanspreekcultuur; de implementatie van beleid; het organisatorische- juridische en financiële kader; integraal management. Daarnaast werd men getraind op: gespreksvaardigheden voor verzuimmanagement aan de hand van eigen casuïstiek; verschillende (gespreks)stijlen in het omgaan met verzuim; oefenen met de stijl van ‘veeleisend helpen’ (combinatie van een lage acceptatie van verzuim met de bereidheid medewerkers te ondersteunen bij het oplossen van achterliggende problematiek).
Daarnaast werden de teamcoördinatoren getraind. Zij zijn formeel niet verantwoordelijk voor de verzuimaanpak, maar ze speelden wel een rol bij de verzuimaanpak binnen de eigen afdeling: het eerste (telefonische) contact tussen medewerker en werkgever, het opvangen van signalen van medewerkers en re-integratie van medewerkers.
Verzuimdaling
Het verzuimpercentage (1e en 2e jaar totaal) was over geheel 2010 uiteindelijk uitgekomen op 3,7 % (branche 6,1 %). De verzuimfrequentie was gedaald naar 1,0 (branche 1,3).
Deze integrale benadering leidde niet alleen tot een verzuimdaling, maar heeft (in)direct invloed gehad op andere aspecten van de interne bedrijfsvoering. Daarnaast levert de daling in verzuim uiteraard een grote kostenbesparing voor de Prinsenstichting op.
Bron: Vernet Health Ranking, Prinsenstichting en Falke & Verbaan
Grip op langdurig verzuim
Afgelopen week berichtte ArboNed dat het verzuim in Nederland gedaald is. Volgens de analyse van ArboNed kan dit komen door een betere aanpak van verzuim in organisaties, leidend tot betere prioritering en meer verantwoordelijkheidsgevoel bij medewerkers. Niet lang na dit bericht van ArboNed, berichtte Vernet over een ogenschijnlijk overeenkomstige trend. Deze analyse was echter minder geruststellend: ondanks de dalende trend neem in de zorg juist het langdurig verzuim toe. Dit toenemend langdurige verzuim in de zorg lijkt te maken te hebben met het spanningsveld tussen protocollen, productiecijfers en de professionele autonomie van de zorgprofessional, wat ten koste zou gaan van de arbeidssatisfactie. Ook wordt een link gelegd tussen chronische overbelasting en verzuim.
Falke & Verbaan herkent de trend die Vernet beschrijft uit de eigen praktijk en ervaring. Over de afgelopen 2 jaren zien ook wij een toename van het langdurige verzuim. Niet enkel in de zorg maar zeer zeker ook in andere sectoren. Naast de door Vernet gesignaleerde oorzaken zien wij meer problemen.
De huidige WIA vangt een aantal zaken niet op, zoals het wegvallen van het WAO vangnet, pre-pensioen en de opschuivende pensioenleeftijd. Dit met name bij medewerkers met een lagere opleiding en een lager inkomen. Vaak leiden de beperkingen en het verlies van verdiencapaciteit bij mensen met fysiek zwaardere beroepen bij beoordeling door de UWV tot een arbeidsongeschiktheidspercentage tot 35% en daarmee niet tot een uitkering. Deze mensen komen terug bij de werkgever en worden geacht passende werkzaamheden te verrichten maar ontberen de financiële compensatie. Bedrijven vinden het moeilijk passende werkzaamheden te vinden of de aandacht daarvoor te creëren bij leidinggevenden. Met als gevolg nieuwe (juridisch vaak twijfelachtige) verzuimmeldingen op grond van reeds bekende beperkingen. Er ontstaat vervolgens een vicieuze cirkel en erger nog, bij gelijkblijvend beleid een accumulatie van verzuim.
De kostenstijging die dit voor werkgevers met zich meebrengt is in een aantal sectoren dermate ernstig, dat bedrijven in de rode cijfers terecht dreigen te komen. Het is niet verwonderlijk dat men soms terug verlangt naar de WAO als uitweg.
Naast bovenstaande zien we dat veel bedrijven bovendien geen adequate maatregelen hebben genomen om dit soort neveneffecten van de vergrijzing op te vangen door beleidsmaatregelen en het inkopen van adequate dienstverlening. Reguliere arbodienstverlening heeft weinig vat op langdurig verzuim blijkt opnieuw. Het tij is alleen te keren door een combinatie van preventieve maatregelen en het adequaat aanpakken van het bestaand langdurige verzuim. Gedragsbeïnvloeding gaat daarbij hand in hand met gedegen kennis van de UWV-systematiek en arbeidsrecht. De tijdelijke inzet van gespecialiseerde dienstverleners lijkt daarbij onderdeel van de oplossing.
Falke & Verbaan organiseert op 1 en 15 april 2011 een gratis miniconferentie (reeds vol) waarin wij ingaan op de knelpunten bij langdurig verzuim en hoe organisaties dit aan kunnen pakken. Daarnaast kunt u natuurlijk altijd een van onze consultants uitnodigen voor een gratis en vrijblijvend oriënterend gesprek om te kijken hoe u grip kunt houden op langdurig verzuim.
Bron: Falke & Verbaan - februari 2011

