Historisch overzicht

Vanaf 1994 was iedere organisatie verplicht om zich aan te sluiten bij een gecertificeerde arbodienst. Door deze regeling zijn een aantal grote arbodiensten ontstaan, die  omvangrijke “all-in” abonnementen aanboden waarbij de gehele verzuimbegeleiding over werd genomen (Kwadrant I: Ontzorgmodel). In 2002 werd echter de Wet Verbetering Poortwachter ingevoerd, die duidelijk moest maken dat de financiële – en re-integratieverantwoordelijk- heid op gebied van verzuim bij de werkgever lag. Mede door deze wet kozen steeds meer organisaties ervoor om de regie over de “poortwachtertermijnen” in eigen huis te beleggen, om zo meer invloed op de bewaking daarvan uit te kunnen oefenen, ook wilde men kunnen kiezen tussen verschillende pakketten (Kwadrant II: Pakkettenmodel). Door een aantal taken van de verzuimbegeleiding in de lijn te beleggen trachtten deze organisaties de regie meer naar zich toe te trekken. Ze hadden echter nog niet de stap gezet naar volledige regie op het verzuimproces, omdat zij nog (deels) afhankelijk waren van een arbodienst voor de procesondersteuning en de inzet van professionals ten behoeve van verzuim en re-integratie.

 

Nederland week echter met deze verplichte aansluiting bij een arbodienst af van de overige landen in Europa. Via een uitspraak van het Europese Hof was Nederland genoodzaakt de wetgeving weer in lijn met de Europese kaderrichtlijn te brengen. Daarom is in 2005 de nieuwe Arbowet in werking getreden, die organisaties niet langer verplicht zich te laten bijstaan door een gecertificeerde arbodienst. De nieuwe regeling heeft het voor organisaties mogelijk gemaakt om – naast de verzuimbegeleiding – ook andere taken uit het verzuimproces intern geïntegreerd te gaan organiseren, zoals de inzet van deskundigen (zzp’ers of deskundigen via de arbodienst)(Kwadrant III: Eigen-regiemodel). Veel organisaties gaan over naar Kwadrant III, omdat zij op deze manier meer grip kunnen uitoefenen op het verzuimproces zelf en het resultaat daarvan, en daarnaast ook minder kosten kwijt zijn aan procesondersteuning en bewaking door de arbodienst.
We zien daarnaast ook dat sommige organisaties taken, die voorheen belegd waren bij een externe arbodienst, nu intern willen vormgeven door middel van een interne arbodienst of een verzuimafdeling (Kwadrant IV: Arbo-eilandmodel). Deze interne afdeling is net als bij een klassieke interne arbodienst verantwoordelijk voor alle taken rondom verzuim en re-integratie, en heeft ook de processturing in handen (in plaats van de leidinggevende).

 

Op dit moment zien we dat het verzuim bij bedrijven die volgens het Eigen-Regiemodel werken drastisch afneemt en op een laag niveau stabiliseert, indien men de bijpassende visie en randvoorwaarden in acht neemt en onderhoudt. Hierdoor kan verzuim bij een aantal bedrijven een incidentele zaak worden, en vindt er een verschuiving plaats van sturen op aan- of afwezigheid naar sturen op productiviteit. Dit gaat gepaard met de trend dat organisaties steeds meer verantwoordelijkheid van medewerkers vragen voor hun eigen (duurzame) inzetbaarheid (Kwadrant V: Productiemodel). In dit kwadrant ziet arbodienstverlening er vaak heel anders uit, omdat verzuim nauwelijks een onderwerp van gesprek meer is.

FALKE & VERBAAN Effectieve organisaties sturen op gedrag

Wanneer u gebruikt maakt van deze site, accepteert u onze algemene voorwaarden en Cookie beleid. Teksten beschikbaar onder CC-BY-SA/GFDL | Copyright © 2000 - 2017